
Ziektewet
Artikel 38a
1
De verzekerde die een werkgever heeft als bedoeld in de eerste afdeling, paragraaf 3, en die aanspraak maakt op ziekengeld is in geval van ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte verplicht dit op de tweede dag van die ongeschiktheid te melden aan zijn werkgever.
2
De werkgever meldt na ontvangst van de in het eerste lid bedoelde melding, aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen uiterlijk op de vierde dag van de ongeschiktheid tot werken, de eerste werkdag waarop de verzekerde wegens ziekte ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid.
3
Indien de werkgever jegens wie de verzekerde recht heeft op loon als bedoeld in artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, de melding, bedoeld in het tweede lid, later doet dan in dat lid is voorgeschreven, wordt het ziekengeld niet uitbetaald tot de datum van die melding.
4
Indien de verzekerde na een ziekmelding als bedoeld in het eerste lid weer geschikt is tot het verrichten van zijn arbeid, meldt hij aan de werkgever uiterlijk de tweede dag van die geschiktheid, de eerste dag waarop hij weer geschikt is tot het verrichten van zijn arbeid.
5
De werkgever meldt na ontvangst van de in het vierde lid bedoelde melding, aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen uiterlijk op de tweede dag na de hersteldmelding door de verzekerde, de eerste dag waarop die verzekerde weer geschikt is tot het verrichten van zijn arbeid.
6
Indien de verzekerde door toepassing van artikel 629, derde lid, onderdeel c, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek geen recht heeft op loon dan wel op grond van artikel 76b, tweede lid, onderdeel g, geen recht heeft op bezoldiging, meldt de werkgever dit aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
7
Indien de werkgever de verplichting, bedoeld in het vijfde of zesde lid, niet of niet behoorlijk is nagekomen, legt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hem een boete op van ten hoogste 454. De artikelen 45a, vierde, vijfde en zevende lid, 45b, 45c, 45e, eerste lid, eerste volzin, en tweede lid, en 45g, eerste, vierde, zesde, achtste en negende lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
-
LJN AA3732, Eerste aanleg - meervoudig, 98/1809 WAO
Rechtsoort
Sociale zekerheid
Datum uitspraak
24-08-1999
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Rechtbank Utrecht1. Opleggen boete is vervolging van strafbaar feit a.b.i. art. 15.1 IVBPR (zie vglbaar NA 1999, 431)
2. Verplichting om reïntegratieplan in te dienen bij uitvoeringsorgaan. -
LJN AA7083, Eerste aanleg - enkelvoudig, 98/1818
Rechtsoort
Sociale zekerheid
Datum uitspraak
27-03-2000
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Rechtbank ArnhemKamer II AAWAO loondoorbetaling Arrondissementsrechtbank te Arnhem Enkelvoudige Kamer Bestuursrecht Reg.nr.: 98/1818 UITSPRAAK in het geding tussen: [eiser], wonende te [woonplaats], eiser, en het Landelijk instituut sociale verzekeringen te Amsterdam, vertegenwoordigd door SFB Uitvoeringsorganisatie N... -
LJN AF6254, Hoger beroep, 01/1628 + 1644 WAO
Rechtsoort
Sociale zekerheid
Datum uitspraak
11-02-2003
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Hoger beroep
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Centrale Raad van BeroepVerlengde loondoorbetalingsplicht van 47 dagen als gevolg van te late aangifte ziekte leidt tot niet uitbetalen WAO-uitkering gedurende die periode. Gelet op de uitspraak 00/6437 WAO, d.d. 13-02-2002, [USZ 02/102, AD9985, AB 02/105, JB 02/106, RSV 02/127] moet de werkgever, die bezwaar maakt of beroep instelt tegen een besluit met betrekking tot de WAO... -
LJN AF8109, Hoger beroep, 00/3418 ZW
Rechtsoort
Sociale zekerheid
Datum uitspraak
24-09-2002
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Hoger beroep
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Centrale Raad van Beroep00/3418 ZW U I T S P R A A K In het geding tussen: de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, appellant, en [werkgever], gevestigd te [vestigingsplaats], gedaagde. I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING Met ingang van 1 januari 2002 is de Wet Structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen in werking getreden... -
LJN AT8529, Hoger beroep, 04/223 AW
Rechtsoort
Ambtenarenrecht
Datum uitspraak
23-06-2005
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Hoger beroep
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Centrale Raad van BeroepTijdelijk dienstverband als stadswacht beëindigd. Werkloosheidsuitkering. Arbeidsongeschiktheid. Is er sprake van analoge toepassing van Ziektewet? -
LJN AE8200, Hoger beroep, 01/5695 ZW
Rechtsoort
Sociale zekerheid
Datum uitspraak
24-09-2002
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Hoger beroep
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Centrale Raad van Beroep01/5695 ZW U I T S P R A A K In het geding tussen: de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, appellant, en [gedaagde] , gevestigd te [vestigingsplaats], gedaagde. I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING Met ingang van 1 januari 2002 is de Wet Structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen in werking getreden... -
LJN AE9101, Hoger beroep, 00/4287 ZW
Rechtsoort
Sociale zekerheid
Datum uitspraak
24-09-2002
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Hoger beroep
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Centrale Raad van BeroepWerkgever dient ten aanzien van besluit omtrent aanspraak van werknemer op ziekengeld als belanghebbende in de zin van art. 1:2 Awb te worden beschouwd. Bezwaarschrift van gedaagde (werkgever) tegen weigering om aan werkneemster ziekengeld te betalen in verband met te late aangifte van ziekte niet...