
Loodsenwet
Artikel 31
1
Echtgenoten of geregistreerde partners, bloedverwanten of aanverwanten tot de derde graad ingesloten, kunnen niet tezamen zijn voorzitter of plaatsvervangend voorzitter, lid of plaatsvervangend lid en secretaris van het tuchtcollege loodsen.
2
Indien het huwelijk of het geregistreerd partnerschap eerst mocht worden aangegaan na de benoeming, zal de jongstbenoemde der echtelieden of geregistreerde partners zijn ambt niet kunnen behouden.
3
Indien de aanverwantschap eerst mocht zijn ontstaan na de benoeming, zal degene, die haar veroorzaakte, zijn ambt niet kunnen behouden, behoudens door Onze Minister en Onze Minister van Justitie te verlenen vergunning.
4
De aanverwantschap houdt op door de ontbinding van het huwelijk of het geregistreerd partnerschap dat haar veroorzaakte.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.