
Wet toezicht collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten
Artikel 7
1
Het College van Toezicht bestaat uit drie of meer personen. Het aantal leden van het College, de voorzitter daaronder begrepen, is steeds oneven.
2
De leden van het College van Toezicht kunnen de taken onderling verdelen. Het College blijft verantwoordelijk voor de uitoefening van deze taken.
3
De leden van het College van Toezicht worden, in overeenstemming met de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, benoemd door Onze Minister, die tevens de voorzitter aanwijst.
4
De leden van het College van Toezicht worden benoemd voor een periode van ten hoogste vier jaren. Zij kunnen na afloop van deze periode aansluitend eenmaal opnieuw worden benoemd voor een termijn van ten hoogste vier jaren.
5
Het College van Toezicht blijft ook in geval van een of meer vacatures bevoegd tot hetgeen hem is opgedragen.
6
Een lid dat een vacature vervult, wordt benoemd voor de resterende duur van de periode waarvoor het door hem vervangen afgetreden lid was benoemd.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.