
Wet kabelbaaninstallaties
Artikel 10
1
De constructeur stelt voor een veiligheidscomponent ten aanzien waarvan op basis van een procedure van overeenstemmingsbeoordeling is vastgesteld dat deze voldoet aan de essentiële eisen, in de laatste fase van het productieproces een EG-verklaring van overeenstemming op, overeenkomstig bijlage IV van de richtlijn en voorziet de veiligheidscomponent van een CE-markering.
2
De CE-markering wordt zodanig op de veiligheidscomponent of een daaraan bevestigd plaatje aangebracht, dat het zichtbaar en leesbaar is.
3
Indien de procedure bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel a of onderdeel c, is gevolgd, brengt de constructeur naast de CE-markering het identificatienummer van de keuringsinstantie aan die de procedure uitvoert. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op het aanbrengen van het identificatienummer.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.