Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BJ1360

Datum uitspraak2009-07-02
Datum gepubliceerd2009-07-02
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureVoorlopige voorziening
Instantie naamRechtbank Zutphen
Zaaknummers09/946
Statusgepubliceerd


Indicatie

De voorzieningenrechter draagt B & W van Zutphen op om de Staatssecretaris van Verkeer & Waterstaat er onverwijld van in kennis te stellen dat het voorstel Integrale Gebiedsontwikkeling IJsselsprong, voor zover het de gemeente Zutphen betreft, voor de duur van de op het referendumverzoek betrekking hebbende procedure moet worden geacht niet te zijn toegezonden. Verder bepaalt de voorzieningenrechter dat B & W de tekst van de toelichting bij het formulier “Steunbetuiging referendumverzoek” dienen aan te passen en vervolgens het aangepaste formulier opnieuw in procedure moeten brengen.


Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN Sector Bestuursrecht Voorzieningenrechter Reg.nr.: 09/946 Proces-verbaal van mondelinge uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening in het geding tussen: [verzoeker] te Zutphen verzoeker, gemachtigden: [naam gemachtigde] en mr. J.H. Hermsen, en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zutphen verweerder, gemachtigde: mr. A.J. van Zwieten de Blom. 1. Beslissing De voorzieningenrechter: - draagt verweerder op om de Staatssecretaris van Verkeer & Waterstaat er onverwijld van in kennis te stellen dat het voorstel Integrale Gebiedsontwikkeling IJsselsprong, voor zover het de gemeente Zutphen betreft, voor de duur van de op het referendumverzoek betrekking hebbende procedure moet worden geacht niet te zijn toegezonden; - bepaalt dat verweerder de tekst van de toelichting bij het formulier “Steunbetuiging referendumverzoek” dient aan te passen met inachtneming van deze uitspraak en vervolgens opnieuw toepassing dient te geven aan artikel 10, leden 4, 5 en 6 van de referendumverordening; - wijst af wat anders of meer is verzocht; - veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 322,-, ter zake van rechtsbijstand, te betalen door de gemeente Zutphen; - bepaalt dat de gemeente Zutphen het betaalde griffierecht van € 150,- aan verzoeker vergoedt. 2. Gronden van de beslissing Op 18 (bekendgemaakt: 27) mei 2009 heeft de raad van verweerders gemeente besloten: 1. akkoord te gaan met het voorstel Integrale Gebiedsontwikkeling IJsselsprong, als nadere uitwerking van de eerder door de raad vastgestelde IGSV en PKB-maatregelen, zoals gevraagd door de Staatssecretaris van Verkeer & Waterstaat in haar brief van 7 juli 2008 en dit voorstel aan haar toe te zenden; 2. opdracht te geven voor het opstellen van een samenwerkingsovereenkomst tussen alle bij dit initiatief betrokken partijen, waarin organisatie, financiering en te hanteren planfiguur worden vastgelegd; 3. deze samenwerkingsovereenkomst in het najaar ter vaststelling voor te leggen aan de raad. Vaststaat en niet in geschil is dat het verzoek van verzoeker van 4 juni 2009 tot het houden van een correctief raadplegend referendum over dit raadsbesluit tijdig binnen twee weken is gedaan en voldoet aan de in artikel 10, tweede lid, van de “Referendumverordening voor de gemeente Zutphen 2005” neergelegde voorwaarden (het is gedateerd, vermeldt om welk besluit van de raad het gaat en bevat de namen, voorletters, adressen en handtekeningen van ten minst vijfenzeventig kiezers). Indien aan de voorwaarden van het tweede lid is voldaan, schort het college ingevolge het derde lid, onder b, voor zover het daartoe bevoegd is, de uitvoering van het betreffende raadsbesluit op en geeft het nadere uitvoering aan de referendumprocedure. Verweerder stelt zich op het standpunt geen uitvoering meer te kunnen geven aan zijn bevoegdheid tot opschorting van onderdeel 1. van het raadsbesluit nu dit onderdeel al ten uitvoer is gebracht door toezending aan de Staatssecretaris van Verkeer & Waterstaat bij brief van de Stuurgroep IJsselsprong van 29 mei 2009. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter brengt een redelijke uitleg van artikel 10, derde lid, onder b, van de verordening echter met zich dat verweerder aan de Staatssecretaris had moeten meedelen dat het voorstel IJsselsprong, voor zover het de gemeente Zutphen betreft, voor de duur van de op het referendumverzoek betrekking hebbende procedure moet worden geacht niet te zijn toegezonden. Gelet hierop is ook de tekst van de toelichting bij het formulier “Steunbetuiging referendumverzoek” niet correct, zodat dit formulier met het oog op een correct vervolg van de op het referendumverzoek betrekking hebbende procedure dient te worden aangepast. De tekst: “Het voorstel was al aan de Staatssecretaris verzonden. Dit onderdeel 1 van het raadsbesluit kan derhalve niet meer worden opgeschort. Ten aanzien van de onderdelen 2 en 3 heeft het college van burgemeester en wethouders besloten de bestuurlijke besluitvorming over de samenwerkingsovereenkomst op te schorten, totdat de gehele procedure van het referendum is afgerond” dient te worden geschrapt. Daarvoor in de plaats kan ter toelichting worden vermeld: “De uitvoering van het raadsbesluit van 18 mei 2009 is opgeschort totdat de gehele procedure van het referendum zal zijn afgerond.” Nu de tekst van het formulier “Steunbetuiging referendumverzoek” IJsselsprong dient te worden aangepast, zal een nieuwe termijn voor het indienen van deze formulieren als bedoeld in artikel 10, vijfde lid, van de referendumverordening aan de kiezers moeten worden gegund. Er is geen aanleiding om al ingediende formulieren als ongeldig aan te merken. Verweerder zal worden veroordeeld in de kosten die verzoeker in verband met de behandeling van het verzoek om een voorlopige voorziening heeft moeten maken. Met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht wordt ter zake van verleende rechtsbijstand 1 punt toegekend, waarbij een wegingsfactor 1 wordt gehanteerd. Deze uitspraak is gedaan op 2 juli 2009. mr. E.G. de Jong, voorzieningenrechter en mr. P.M. Saedt, griffier.