
Jurisprudentie
BJ1044
Datum uitspraak2009-06-09
Datum gepubliceerd2009-06-30
RechtsgebiedCiviel overig
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Breda
Zaaknummers489279 ov 08-2084
Statusgepubliceerd
SectorSector kanton
Datum gepubliceerd2009-06-30
RechtsgebiedCiviel overig
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Breda
Zaaknummers489279 ov 08-2084
Statusgepubliceerd
SectorSector kanton
Indicatie
artt. 6 Rv; 1:345 BW; 1:356 BW; 4:190 BW; 2 Wet conflictenrecht erfopvolging.
Vereffening nalatenschap; conflictenrecht; Näherberechtigung.
Nalatenschap is namens minderjarige beneficiair aanvaard. Naar Nederlands recht geldt die keuze de gehele nalatenschap. In erfboedel valt een in Frankrijk gelegen onroerende zaak. Volgens Frans internationaal privaatrecht is op de vererving daarvan het Franse erfrecht van toepassing. Wettelijke vertegenwoordiger wil tot verkoop overgaan en verzoekt machtiging om ten aanzien van de onroerende zaak de nalatenschap zuiver te aanvaarden. Kantonrechter: beneficiaire aanvaarding naar Nederlands recht sluit andere keuze naar Frans erfrecht niet uit. Belang van de minderjarige brengt mee dat alsnog aanvaarden naar Frans recht mogelijk wordt geoordeeld.
Uitspraak
RECHTBANK BREDA
Sector kanton
Locatie Tilburg
zaak/rolnr.: 489279 OV 08-2084
beschikking d.d. 9 juni 2009
op het verzoek van:
[verzoeker],
in zijn hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van [minderjarige],
wonende te [woonplaats],
in de nalatenschap van:
[erflaatster],
overleden te [sterfhuis] op [datum],
nader te noemen erflaatster.
Het verzoekschrift is ingediend door tussenkomst van mr. H.A. van Zelm van Eldik, kandidaat notaris te Amsterdam.
1. Het verloop van het geding
1.1
De procesgang blijkt uit de volgende stukken:
- het op 13 mei 2008 ter griffie ontvangen verzoekschrift;
- het op 15 december 2008 ontvangen aanvullende verzoekschrift, met bijlagen.
1.2
De inhoud van deze stukken geldt hier als ingelast.
2. Het verzoek
2.1
Verzoeker heeft verzocht om aan hem, in zijn hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van zijn minderjarige zoon [minderjarige] (geboren [datum]), machtiging te verlenen om:
a) onder toepassing van het Franse recht een nalatenschap te aanvaarden, bestaande uit het
daarin gevallen onverdeelde aandeel in de eigendom van een te Frankrijk gelegen
onroerende zaak, zijnde het wooncomplex nader aangeduid als [X], staande en gelegen te
[adres], Frankrijk;
b) die onroerende zaak te verkopen en terzake het aandeel van de minderjarige in de
verkoopopbrengst een schuldigerkenning van verzoeker te aanvaarden.
Voorts heeft hij gevraagd expliciet in te stemmen met de in het verzoekschrift nader omschreven wijze waarop de koopsom wordt voldaan en aan hem machtiging te verlenen om de tenaamstelling en de verkoop in Frankrijk te effectueren door middel van een volmacht.
2.2
Aan deze verzoeken heeft verzoeker samengevat het volgende ten grondslag gelegd.
Verzoeker en erflaatster [erflaatster] waren tot haar overlijden te [sterfhuis] op [datum] met elkaar gehuwd. Erflaatster heeft twee kinderen achtergelaten, waarvan er thans nog een minderjarig is. Erflaatster heeft bij testament over haar nalatenschap beschikt en daarbij alle goederen aan verzoeker toegedeeld en aan haar kinderen een vorderingsrecht jegens hem wegens overbedeling. Door het laten verlopen van de termijn als bedoeld in artikel 4:193 lid 1 BW geldt de nalatenschap als door de beide kinderen beneficiair aanvaard.
Bij leven was erflaatster tezamen met verzoeker eigenaar van de helft van een in Frankrijk gelegen, in het verzoekschrift nader aangeduide woning. Deze helft is per datum van het overlijden van erflaatster getaxeerd op een bedrag van € 245.000,-. Een taxatierapport is overgelegd. Als gevolg van het overlijden van erflaatster is de helft van voormelde helft in de nalatenschap gevallen. Verzoeker heeft het voornemen om de onverdeelde helft te verkopen voor een bedrag van € 258.000,-. Blijkens een overgelegde verklaring van de meerderjarige zoon van verzoeker en erflaatster stemt deze daarmee in. Overeenkomstig een eveneens bij het verzoekschrift gevoegde berekening komt na de verkoop aan ieder der kinderen een bedrag van € 10.391,- toe.
Volgens het Franse internationale privaatrecht is op de vererving van de woning het Franse erfrecht van toepassing. Dit bepaalt onder meer dat indien verzoeker krachtens de testamentaire ouderlijke boedelverdeling het aandeel in de woning verkrijgt, de kinderen afstand moeten doen van een beroep op de legitieme portie naar Frans recht. Voor zuivere aanvaarding, verwerping en het doen van afstand van de legitieme portie is goedkeuring nodig van de rechter van de woonplaats van de minderjarige erfgenaam. Beneficiaire aanvaarding kan zonder een dergelijke goedkeuring, maar dit is door de daaraan verbonden wettelijke voorwaarden in geval van verkoop van de woning zeer ongewenst. Acceptatie heeft de voorkeur boven verwerping, mede met het oog op besparing van successierecht in Frankrijk, aldus verzoeker.
2.3
Ter onderbouwing van het verzoek zijn diverse bescheiden overgelegd, waaronder:
- een fotokopie van het testament van erflaatster;
- een brief van een Franse notaris en de beëdigde vertaling daarvan waaruit volgt dat naar Frans recht, ter zake van nalatenschappen die vóór 1 januari 2007 zijn opengevallen het recht om de nalatenschap (beneficiair) te aanvaarden of te verwerpen na 30 jaren verjaart en derhalve de erfgenamen van erflaatster nog steeds de keuze hebben de nalatenschap te aanvaarden of te verwerpen voor zover het goederen betreft die onder de Franse wetgeving vallen, in het bijzonder onroerende zaken die in Frankrijk zijn gelegen;
- een verklaring van de meerderjarige zoon van erflaatster waaruit blijkt: a) dat hij de nalatenschap, voor zover deze het aandeel in de onroerende zaak betreft, aanvaardt en b) dat hij instemt met de verkoop van (dat aandeel in) de onverdeelde helft van die onroerende zaak en schuldigerkenning door verzoeker aan hem van (zijn aandeel in) de verkoop-opbrengst;
- een door verzoeker opgemaakte berekening van de vordering die elk van zijn beide zonen na verkoop op hem zullen verkrijgen;
- een concept akte van schuldigverklaring.
3. De beoordeling
3.1
Gelet op de inhoud van het verzoekschrift en gezien de laatste woonplaats van erflaatster, heeft krachtens artikel 6, aanhef en onder g van het Wetboek van Burgerlijke rechtvordering (Rv) de Nederlandse rechter rechtsmacht. Overeenkomstig artikel 268 lid 1 Rv is de kantonrechter te Tilburg daarbij bevoegd om van het verzoek kennis te nemen.
3.2
Vooropgesteld wordt dat verzoeker krachtens artikel 1:345 lid 1 sub a juncto 1:253k van het Burgerlijk Wetboek (BW) machtiging vraagt om de hiervoor onder 2.1 a en b vermelde rechtshandelingen te mogen verrichten en derhalve die verzoeken dienen te worden beoordeeld met inachtneming van de belangen van verzoekers minderjarige zoon, zoals voorgeschreven in artikel 1:356 BW.
3.3
Ingevolge artikel 4:190 lid 3 BW geldt de keuze tot beneficiaire aanvaarding, althans het niet uitdrukkelijk verwerpen van de nalatenschap van erflaatster, de gehele nalatenschap. Nu daarin tevens is begrepen erflaatsters eigendom van een deel van de in Frankrijk gelegen onroerende zaak regardeert naar Nederlands recht de beneficiaire aanvaarding dan ook tevens dit boedelgoed. Daarenboven volgt uit artikel 4:190 lid 4 BW dat beneficiaire aanvaarding onherroepelijk is.
3.4
Ondanks vorenstaande vaststelling belet de omstandigheid dat de onderhavige onroerende zaak in Frankrijk is gelegen dat het Nederlandse recht onverkort kan worden toegepast. Uit hetgeen verzoeker stelt en heeft onderbouwd volgt dat naar Frans erfrecht een nalatenschap waartoe een minderjarige is geroepen niet enkel door middel van een verklaring, of bij gebreke daaraan van rechtswege, beneficiair wordt aanvaard dan wel met een rechterlijke machtiging kan worden verworpen (vgl. artikel 4:193 BW). Weliswaar staat het Franse erfrecht toe dat verzoeker overeenkomstig de door erflaatster bij uiterste wilsbeschikking beoogde ouderlijke boedelverdeling het aandeel in de onroerende zaak krijgt toegescheiden, doch in dat geval zou diens minderjarige zoon - met machtiging van de rechter van zijn woonplaats - afstand moeten doen van zijn aanspraken op de legitieme portie naar Frans recht. Beneficiaire aanvaarding van de nalatenschap is naar Frans erfrecht evenzeer mogelijk aldus verzoeker, maar dan dient te worden voldaan aan verschillende vereisten. Een van die vereisten is dat ingeval van verkoop van de onroerende zaak, dit enkel op een veiling kan geschieden. Verzoeker heeft echter het voornemen om het aandeel in de onroerende zaak aan de mede-eigenaar te verkopen. Zuivere aanvaarding of verwerping van de nalatenschap is volgens Frans erfrecht evenzeer mogelijk, aldus verzoeker. Mede met het oog op de besparing van successierechten heeft het zijn voorkeur dat de nalatenschap door zijn zoons zuiver wordt aanvaard.
3.5
Waar volgens het Nederlandse erfrecht niet de mogelijkheid bestaat om namens de minderjarige de nalatenschap zuiver te aanvaarden en is gesteld noch gebleken dat het Franse internationale privaatrecht toestaat dat, ondanks de omstandigheid dat erflaatster woonplaats had in Nederland, (ook) ten aanzien van de vereffening van het in Frankrijk gelegen deel van de nalatenschap Nederlands recht van toepassing is, is sprake van met het Franse erfrecht conflicterende rechtsregels. Nu het hier een onroerende zaak betreft zal de kantonrechter de voorrang die het Franse internationale privaatrecht als gevolg van zogenoemde “Näherberechtigung” opeist moeten respecteren. Aldus kan, mede in aanmerking genomen het hiernavolgende, met voorbijgaan aan de conform het Nederlandse erfrecht gedane beneficiaire aanvaarding worden bewilligd in het verzoek om de nalatenschap zuiver te aanvaarden voor zover het betreft het onverdeelde aandeel in de eigendom van bedoelde in Frankrijk gelegen onroerende zaak.
3.6
De zuivere aanvaarding als hiervoor bedoeld heeft tot gevolg dat erflaatsters aandeel in de onroerende zaak niet overeenkomstig haar uiterste wilsbeschikking aan verzoeker wordt toegescheiden, zo volgt uit het verzoekschrift. Waar de minderjarige door de ouderlijke boedelverdeling enkel een vorderingsrecht op verzoeker zou hebben verkregen, verkrijgt hij thans immers de eigendom van een deel van die onroerende zaak. Gelet echter op die uiterste wilsbeschikking in verband met het bepaalde in artikel 2 lid 2 van de Wet conflictenrecht erfopvolging (dat in het geval van nadeel overigens een vorderingsrecht op verrekening geeft), is de verzochte machtiging om namens de minderjarige tot verkoop van diens aldus verkregen aandeel in de onroerende zaak over te gaan gevolgd door schuldigerkenning van het betreffende deel van de verkoopopbrengst naar het oordeel van de kantonrechter niet in strijd met het bepaalde in artikel 1:356 lid 1 BW. Verzoeker heeft daarenboven bescheiden overgelegd waaruit de waarde van dat aandeel blijkt, alsmede een concept akte waarin hij het bedrag gelijk aan die waarde aan de minderjarige schuldig erkent en wel onder gelijkluidende voorwaarden als door erflaatster in haar uiterste wilsbeschikking werden opgenomen. Nu aldus materieel gezien hetzelfde wordt bereikt en van nadeel geen sprake is, zal ook dit onderdeel van het verzoek worden toegewezen.
3.7
Verzoeker heeft gezien het voorgaande geen specifiek, laat staan wezenlijk belang bij een beslissing van de kantonrechter houdende goedkeuring van de wijze waarop de koopsom door de koper wordt voldaan, te weten (deels) door middel van verrekening van het over te dragen aandeel van de koper in een tussen koper en verzoeker gedreven vennootschap onder firma, een en ander zoals in het verzoekschrift breder omschreven. Machtiging tot verkoop gevoegd bij schuldigerkenning impliceert reeds in relatie tot de minderjarige instemming met een bepaalde vorm van betaling. Voor het overige is het een zaak tussen koper en verzoeker als (mede-)verkoper. Indien de koper diens verbintenissen uit de koopovereenkomst niet nakomt, dan is verzoeker weliswaar voor zichzelf (en voor de minderjarige) bevoegd nakoming daarvan af te dwingen, het laat de uitdrukkelijk beoogde schuldigerkenning van verzoeker ten opzichte van de minderjarige in dat geval onaangetast. Dit onderdeel van het verzoek zal derhalve worden afgewezen.
3.8
Tot slot kan aan verzoeker wel worden toegestaan om namens zijn minderjarige zoon een volmacht af te geven teneinde de tenaamstelling en verkoop van diens aandeel in de onroerende zaak te effectueren. Hoewel daarom niet werd verzocht zal volledigheidshalve tevens machtiging worden verleend om door middel van volmacht tot levering daarvan over te gaan. Derhalve wordt beslist als volgt.
4. De beslissing
De kantonrechter:
- verleent verzoeker machtiging om namens de minderjarige [minderjarige], onder toepassing van het Franse erfrecht de nalatenschap van [erflaatster], voor zover het betreft het daarin gevallen aandeel in de eigendom van de in Frankrijk gelegen onroerende zaak als hierboven omschreven, zuiver te aanvaarden;
- verleent verzoeker voorts machtiging tot verkoop van die woning en dat aandeel van de minderjarige daarin conform de prijs als in het verzoekschrift vermeld alsmede tot het verlenen van een volmacht om namens die minderjarige de tenaamstelling, verkoop en levering van diens aandeel in vermelde onroerende zaak in Frankrijk te (doen) bewerkstelligen;
- verleent verzoeker machtiging om namens die minderjarige een schuldigerkenning te aanvaarden voor het bedrag ter grootte van diens aandeel in de verkoopopbrengst van die onroerende zaak, een en ander overeenkomstig de voorwaarden vermeld in het bij het verzoekschrift overgelegde concept;
- wijst af het meer of anders verzochte;
- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. H.L.L. Poeth ter openbare terechtzitting van 9 juni 2009 in tegenwoordigheid van mr. B.A.I.M. Steenbergen als griffier.
Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld:
door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking is verstrekt of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na de betekening van de beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.
Het beroepschrift moet door tussenkomst van een advocaat worden ingediend bij het gerechtshof te 's Hertogenbosch.