
Jurisprudentie
BI0473
Datum uitspraak2009-04-03
Datum gepubliceerd2009-04-09
RechtsgebiedCiviel overig
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Utrecht
Zaaknummers614494 AE VERZ 09-87
Statusgepubliceerd
SectorSector kanton
Datum gepubliceerd2009-04-09
RechtsgebiedCiviel overig
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Utrecht
Zaaknummers614494 AE VERZ 09-87
Statusgepubliceerd
SectorSector kanton
Indicatie
collectief ontslag en ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens gewichtige redenen. Toepassing WMCO en met name de bepaling dat bij een collectief ontslag niet past de ontbindng van een werknemer wegens vermeend disfunctioneren (art. 2 lid 1 onder b WMCO)
Uitspraak
RECHTBANK UTRECHT
Sector kanton
Locatie Amersfoort
zaaknummer: 614494 AE VERZ 09-87
beschikking d.d. 3 april 2009
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Kembo B.V.,
gevestigd te Veenendaal,
verder ook te noemen Kembo,
Kembo,
gemachtigde: mr.drs. D.G. Schouwman,
tegen:
[verweerder],
wonende te [woonplaats],
verder ook te noemen [verweerder],
[verweerder],
gemachtigde: mr. J.R. Dobbelsteijn Bisschops.
Verloop van de procedure
Kembo heeft een verzoekschrift ingediend.
[verweerder] heeft een verweerschrift ingediend.
Het verzoek is ter zitting behandeld.
Hierna is uitspraak bepaald.
Motivering
1.
[verweerder], geboren op [geboortedatum], is op 1 januari 1986 in dienst van Kembo getreden. Het laatstgenoten brutoloon bedraagt € 6.534,- per maand exclusief vakantiebijslag.
Kembo is al bijna 60 jaar producent van complete meubelprogramma’s voor de zakelijke markt en de zorgsector.
Daarnaast levert zij aan haar opdrachtgevers een uitgebreid pakket aan diensten, waaronder de ontwikkeling van het inrichtingsconcept, maatwerk meubelen, projectmanagement en uitgebreide aftersales. Binnen Kembo zijn 61 mensen in dienst, van wie 12 op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Kembo behoort tot een groep van ondernemingen met Bomek BV als moeder. Bomek BV kent drie grote aandeelhouders, die tezamen 79% van de aandelen houden. Kembo is de enige onderneming binnen de groep waarin personeel werkzaam is.
2.
Kembo vraagt ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen partijen.
Kembo heeft daartoe aangevoerd, dat er [verweerder] niet goed functioneert. Kembo verkeert volgens eigen zeggen in zwaar weer (en vraagt ook ontbinding van 25 andere arbeidsovereenkomsten).
3.
[verweerder] heeft de stellingen van Kembo geheel dan wel gedeeltelijk betwist en is van mening dat hem van de ontstane situatie in ieder geval geen verwijt kan worden gemaakt.
4.
De kantonrechter heeft zich ervan vergewist of het verzoek verband houdt met het bestaan van enig opzegverbod, hetgeen niet het geval is.
Kembo heeft aan het verzoek ten grondslag gelegd dat [verweerder] in 2000 is benoemd tot verkoopleider medisch sociale divisie (thans Zorg) en dat de omzet van de sector Zorg onder de leiding van [verweerder] vanaf 2003 gestaag afnam. Ook kreeg verzoeker in de loop der jaren van medewerkers signalen dat [verweerder] geen leiding aan zijn afdeling kon geven en zijn mensen niet of onvoldoende stimuleerde. Met ingang van 1 december 2006 is verzoeker uit zijn functie ontheven. Vanaf dat moment was geen andere functie beschikbaar. Achteraf bezien was het wellicht verstandiger geweest, indien verzoeker toen gestreefd had naar een beëindiging van de arbeidsovereenkomst, wat dus niet is gebeurd. [verweerder] is eerst gepolst voor een nieuw te creëren rayon rondom Doesburg. Dat aanbod is geweigerd. Uiteindelijk is [verweerder] geplaatst in de functie van rayonmanager Limburg/ Noord Brabant/ Zeeland. Kort en goed heeft verzoeker [verweerder] de laatste twee jaren leren kennen als een gedemotiveerde werknemer die zich zeer kritisch uitliet over verzoeker en het door verzoeker gevoerde assortiment. In afwijking van de bij een aantal andere werknemers in acht genomen afspiegeling wordt verzocht de arbeidsovereenkomst met [verweerder] te ontbinden in plaats met een van de collegae die op grond van het afspiegelingsbeginsel eerder voor ontslag in aanmerking zouden moeten komen.
Het verzoek wordt afgewezen. Het verzoek maakt deel uit van een 26-tal verzoeken die in het raam van een collectief ontbindingsverzoek zijn ingediend. De afwijzing van dit verzoek vindt plaats omdat, ook indien niet strikt de hand wordt gehouden aan de toepassing van de Wet Melding Collectief Ontslag, daartoe niet dienen te behoren zaken die betrekking hebben op het functioneren van de werknemer, zoals in dit geval. Maar ook zonder deze voornoemde redengeving kan het verzoek niet worden toegewezen, omdat ten tijde van de mondelinge behandeling door de kantonrechter aan de heer [naam] (directeur Kembo) is gevraagd een nadere toelichting over het – door [verweerder] met klem betwiste - disfunctioneren te geven en [naam] daar geen gelegenheid van heeft willen maken, althans die gelegenheid niet heeft benut. Daarmee is het de kantonrechter onvoldoende aannemelijk geworden dat [verweerder] disfunctioneert en dat thans vanwege gewichtige redenen een einde dient te komen aan de arbeidsovereenkomst.
Het verzoek wordt derhalve afgewezen en verzoeker wordt in de kosten van de procedure veroordeeld.
Beslissing
de kantonrechter:
wijst het verzoek af;
veroordeelt verzoeker in de kosten, begroot op € 800,-
Deze beschikking is gegeven door mr. J.J.M. de Laat, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 3 april 2009.