Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BH0131

Datum uitspraak2009-01-16
Datum gepubliceerd2009-01-16
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureEerste aanleg - meervoudig
Instantie naamRechtbank Rotterdam
Zaaknummers322202 / HA RK 09-6
Statusgepubliceerd


Indicatie

Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk. Wraking van de gehele rechtbank is niet mogelijk.


Uitspraak

Beschikking RECHTBANK ROTTERDAM Meervoudige kamer voor wrakingszaken Uitspraak : 16 januari 2009 Zaaknummer : 322202 Rekestnummer : HA RK 09-6 Beslissing van de meervoudige kamer op het verzoek van: [naam verzoekster], wonende te [adres], verzoekster, gemachtigde [naam gemachtigde], strekkende tot wraking van de rechtbank Rotterdam. 1. Het procesverloop en de processtukken Bij deze rechtbank, sector bestuursrecht, is in behandeling de beroepsprocedure van verzoekster tegen het Ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport, het Hoofd van het Bureau Bestuurlijke Boetes van de Keuringsdienst van Waren te 's-Gravenhage, welke procedure als kenmerk heeft AWB 08/113 BC GVZ GGR2 T2. Bij brief van 5 januari 2009 verzoekt verzoekster de wraking van de rechtbank. De wrakingskamer heeft kennis genomen van het griffiedossier van de hierboven omschreven procedure, waarin zich onder meer bevinden de oproepingen van verzoekster en haar gemachtigde, alsmede genoemd Ministerie voor de behandeling van het beroep ter zitting van de rechtbank Rotterdam, sector bestuursrecht op 11 februari 2009. In die oproepingen is aan de procespartijen meegedeeld dat de behandelend rechter is: [naam rechter]. 2. Het verzoek Verzoekster verzoekt de wraking van de rechtbank Rotterdam vanwege - kort samengevat - haar slechte ervaringen met de rechtbank Rotterdam in een procedure, welke enkele jaren geleden bij deze rechtbank is gevoerd. Zij verzoekt een andere rechtbank toe te wijzen, bij voorkeur de rechtbank Almelo, waaronder haar woonplaats ressorteert. 3. De beoordeling 3.1 Ingevolge artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht kan een partij wraking verzoeken van elk van de rechters die de zaak behandelen. Het verzoek van verzoekster tot wraking van (alle rechters van) de rechtbank Rotterdam is derhalve slechts ontvankelijk voor zover ieder van deze rechters een zaak behandelen waarin verzoekster procespartij is. Nu door verzoekster hieromtrent niets naders is gesteld, zal de rechtbank ervan uitgaan dat er buiten de in deze beschikking genoemde zaak, waarin verzoekster procespartij is, geen andere zaken bij andere rechters bij deze rechtbank in behandeling zijn. Het verzoek tot wraking van (alle rechters van) de rechtbank Rotterdam is derhalve niet-ontvankelijk voor zover dit verzoek niet is gericht tegen [naam rechter]. 3.2 Voor zover het verzoek tot wraking is gericht tegen de behandelend rechter [naam rechter] moet het verzoek eveneens niet-ontvankelijk worden verklaard, omdat het wrakingsverzoek niet is gebaseerd op concrete, op de betrokken rechter toegespitste argumenten. Immers, hetgeen verzoekster aanvoert ter onderbouwing van haar verzoek hebben alle betrekking op een niet nader gespecificeerde, in het verleden bij deze rechtbank gevoerde procedure. 3.3 Verzoekster is derhalve niet-ontvankelijk in haar wrakingsverzoek. 3.4 Ten overvloede overweegt de meervoudige kamer voor de behandeling van wrakingszaken dat zij niet bevoegd is kennis te nemen van het verzoek van verzoekster tot verwijzing van de hiervoor omschreven bestuursrechtelijke procedure naar een andere rechtbank. Dit verzoek dient zij te richten aan de behandelend bestuursrechter. 4. De beslissing Verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek. Deze beslissing is gegeven op 16 januari 2009 door mr. A.J.P. van Essen, voorzitter, mr. L.A.C. van Nifterick en mr. H. van Lokven-van der Meer, rechters. Deze beslissing is door de voorzitter uitgesproken ter openbare terechtzitting in tegenwoordigheid van J.A. Faaij, griffier.