Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BF1300

Datum uitspraak2008-09-17
Datum gepubliceerd2008-09-18
RechtsgebiedCiviel overig
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Dordrecht
Zaaknummers77203 / KG RK 08-360
Statusgepubliceerd
SectorVoorzieningenrechter


Indicatie

1019e Rv. ex parte


Uitspraak

beschikking RECHTBANK DORDRECHT Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 77203 / KG RK 08-360 Beschikking van 17 september 2008 in de zaak van de naamloze vennootschap [eiser], gevestigd te Utrecht, verzoekster, advocaat mr. M. Bronneman te Den Haag, tegen [gedaagde], handelend onder de naam [handelsnaam], wonende te [woonplaats]. Partijen worden hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd. 1. Het procesverloop 1.1. De voorzieningenrechter heeft kennis genomen van de volgende processtukken: -het verzoekschrift van [eiser] ex art. 1019e Rv, met begeleidende brief, ingekomen ter griffie op 17 september 2008. 2. Het verzoek en de beoordeling 2.1. [eiser] verzoekt kort gezegd om [gedaagde] op de voet van art. 1019e Rv. te bevelen om zijn inbreuk te staken op de woord- en beeldmerken “Pickwick” van [eiser], zulks zonder [gedaagde] in rechte te doen horen. [eiser] stelt dat [gedaagde] 100.000 theedozen met de opdruk “Pickwick” in het verkeer wil brengen, terwijl die dozen niet door [eiser] zijn vervaardigd en [eiser] daarvoor geen toestemming heeft gegeven. 2.2. Art. 1019 e Rv. bepaalt: “1. In spoedeisende zaken, met name indien uitstel onherstelbare schade v oor de houder van het recht van intellectuele eigendom zou veroorzaken, is de voorzieningenrechter bevoegd een onmiddellijke voorziening bij voorraad te geven op een bij verzoekschrift gedaan verzoek om tegen de vermeende inbreukmaker een bevel uit te vaardigen teneinde een dreigende inbreuk op het recht van intellectuele eigendom van de houder te voorkomen, zonder de vermeende inbreukmaker op te roepen. 2. De voorzieningenrechter kan het verzoek toewijzen onder voorwaarde dat tot een door hem te bepalen bedrag zekerheid wordt gesteld. 3. De vermeende inbreukmaker kan vorderen dat de voorzieningenrechter die de beschikking inhoudende het bevel genoemd in het eerste lid heeft gegeven, de beschikking herziet, rechtdoende in kort geding.” 2.3. Er bestaat geen beletsel om het verzoek (grotendeels) toe te wijzen, zij het dat de gevorderde dwangsom wordt gemaximeerd tot EUR 5.000.000 en dat de termijn voor het instellen van de hoofdzaak, als bedoeld in art. 1019i Rv, wordt bepaald op 2 maanden na betekening van deze beschikking aan [gedaagde]. Voor zekerheidsstelling bestaat geen aanleiding. 3. De beslissing De voorzieningenrechter: 3.1. beveelt [gedaagde] met onmiddellijke ingang na betekening van deze beschikking, elke inbreuk op de volgende merken van [eiser] te staken en gestaakt te houden: het Benelux woordmerk PICKWICK, geregistreerd op naam van [eiser], in de klassen 4, 8, 11, 21 (onder meer voor theedozen) en 26, met registratienummer 0438259 en registratiedatum 18 december 1987; het Benelux woordmerk PICKWICK, geregistreerd op naam van [eiser], in de klassen 9, 11, en 21 (onder meer voor theedozen), met registratienummer 0726699 en registratiedatum 14 februari 2003; het Benelux beeldmerk PICKWICK geregistreerd op naam van [eiser], in de klassen 5, 11 16, 21 (onder meer voor theedozen), 26, 29, 30 en 32, met registratienummer 0689455 en registratiedatum 17 oktober 2000; het Benelux beeldmerk PICKWICK geregistreerd op naam van [eiser], in de klassen 5, 11, 16, 21 (onder meer voor theedozen), 26, 29, 30 en 32, met registratienummer 0678808 en registratiedatum 17 oktober 2000; 3.2. veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan [eiser] van een onmiddellijk opeisbare dwangsom van EUR 5.000 voor ieder dag of gedeelte van een dag dat [gedaagde] in strijd handelt met het hiervoor gegeven bevel, dan wel, uitsluitend ter keuze van [eiser], een dwangsom van EUR 500, voor ieder individueel inbreukmakend product ten aanzien waarvan of waarmee [gedaagde] in strijd handelt met het hiervoor genoemde bevel, met een maximum van EUR 5.000.000; 3.3. verklaart de beslissing tot zover uitvoerbaar bij voorraad; 3.4. bepaalt de termijn waarbinnen [eiser] de hoofdzaak moet instellen op twee maanden na betekening van de beschikking aan [gedaagde]. Deze beschikking is gegeven door mr. P.W. van Baal en in het openbaar uitgesproken op 17 september 2008.?