
Jurisprudentie
BF0635
Datum uitspraak2008-08-13
Datum gepubliceerd2008-09-12
RechtsgebiedSociale zekerheid
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamCentrale Raad van Beroep
Zaaknummers06/4441 ZW-R
Statusgepubliceerd
Datum gepubliceerd2008-09-12
RechtsgebiedSociale zekerheid
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamCentrale Raad van Beroep
Zaaknummers06/4441 ZW-R
Statusgepubliceerd
Indicatie
Rectificatie van de uitspraak van de Raad van 13 augustus 2008, 06/4441 ZW met LJN BE0086.
Uitspraak
06/4441 ZW-R
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
Tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 13 augustus 2008, 06/4441 ZW
Partijen:
1. [Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
2. de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 10 september 2008
I. PROCESVERLOOP
De Raad heeft geconstateerd dat zijn uitspraak van 13 augustus 2008, 06/4441 ZW, een kennelijke fout in rechtsoverweging 4.2. bevat.
De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over een rectificatie van de uitspraak.
Partijen hebben de Raad bericht geen bezwaar te hebben tegen de voorgenomen rectifictatie.
II. OVERWEGINGEN
1.1. De Raad heeft vastgesteld dat zijn uitspraak van 13 augustus 2008 een kennelijke fout in rechtsoverweging 4.2. bevat. Deze overweging dient als volgt te komen luiden:
“De Raad is van oordeel dat het bestreden besluit niet berust op een zorgvuldig medisch onderzoek. De Raad stelt vast dat de (bezwaar) verzekeringsarts voorafgaande aan de vaststelling dat appellant in staat was de aan de WAO-schatting ten grondslag gelegde functies te vervullen niet, althans niet kenbaar heeft getoetst of appellant in dezelfde medische toestand verkeerde als ten tijde van de WAO-schatting. In de rapporten van de verzekeringsarts en de bezwaarverzekeringsarts wordt met geen woord gerept van een vergelijking van de beperkingen van appellant op 12 september 2005 met de beperkingen zoals vastgesteld bij de arbeidsongeschiktheidsbeoordeling en vastgelegd in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van 12 augustus 2002. De omstandigheid dat de verzekeringsarts bij onderzoek op 12 september 2005 geen beperkingen aan de rug vaststelde, hetgeen niet in overeenstemming lijkt te zijn met de beschikbare medische informatie, en de FML van 12 augustus 2002 niet in haar rapport vermeldt wekt bij de Raad de indruk dat geen acht is geslagen op de voor de onderhavige ZW-beoordeling cruciale FML. Deze indruk vindt bevestiging in de omstandigheid dat ook de bezwaarverzekeringsarts in zijn rapporten in de bezwaar-, beroeps- en hoger beroepsfase de FML van 12 augustus 2002 onvermeld laat en dat eerst in hoger beroep op verzoek van de Raad deze FML door het Uwv in het geding is gebracht.”
1.2. De in rechtsoverweging 1.1. aangegeven wijziging wordt in een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak hersteld.
1.3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl en de oorspronkelijke uitspraak zal daaruit worden verwijderd. Het LJN-nummer van de gerectificeerde uitspraak zal gelijk zijn aan dat van de oorspronkelijke uitspraak.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep:
Rectificeert de uitspraak van 13 augustus 2008, 06/4441 ZW met de wijziging als in rechtsoverweging 1.1. is weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door M.S.E. Wulffraat-van Dijk. De beslissing is, in tegenwoordigheid van M.C.T.M. Sonderegger als griffier, uitgesproken in het openbaar op 10 september 2008.
(get.) M.S.E. Wulffraat-van Dijk.
(get.) M.C.T.M. Sonderegger.
TM