
Jurisprudentie
BF0369
Datum uitspraak2008-09-10
Datum gepubliceerd2008-09-10
RechtsgebiedHandelszaak
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Leeuwarden
Zaaknummers90370 / KG ZA 08-229
Statusgepubliceerd
SectorVoorzieningenrechter
Datum gepubliceerd2008-09-10
RechtsgebiedHandelszaak
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Leeuwarden
Zaaknummers90370 / KG ZA 08-229
Statusgepubliceerd
SectorVoorzieningenrechter
Indicatie
Kort geding. Overtreding concurrentie- en relatiebedingen door partij die onderneming heeft overgedragen. Spoedeisendheid van betaling van verbeurde contractuele boetes.
Uitspraak
RECHTBANK LEEUWARDEN
Sector civiel recht
zaaknummer / rolnummer: 90370 / KG ZA 08-229
Vonnis in kort geding van 10 september 2008
in de zaak van
de besloten vennootschap
ISOLATIE NOORD B.V.,
gevestigd te Zwaagwesteinde,
eiseres,
advocaat: mr. A. Woertman,
tegen
1. de besloten vennootschap
[X] BEHEER B.V.,
gevestigd te Zwaagwesteinde,
2. de besloten vennootschap
ISOLATIE- EN MONTAGEBEDRIJF [X] B.V.,
gevestigd te Zwaagwesteinde,
3. [X],
wonende te Zwaagwesteinde,
gedaagden,
advocaat: mr. S.A.G. de Vries.
Eiseres zal hierna "Isolatie Noord" en gedaagden zullen hierna "[X] Beheer", "Isolatie- en Montagebedrijf" en "[X]" en gezamenlijk "[X] c.s." genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Isolatie Noord heeft [X] c.s. in kort geding doen dagvaarden tegen de openbare zitting van 22 augustus 2008. Na uitstel heeft de zitting plaatsgevonden op 29 augustus 2008.
1.2. Isolatie Noord heeft op de bij dagvaarding vermelde gronden gevorderd dat de voorzieningenrechter, bij vonnis voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad en op de minuut en op alle dagen [X] c.s. veroordeelt:
I. eenieder tot betaling van de contractueel verschuldigde boete van € 50.000,-;
II. om uiterlijk binnen drie dagen na betekening van het in dezen te wijzen vonnis aan Isolatie Noord een volledige opgave te verstrekken van alle relaties van Isolatie Noord met wie [X] c.s. na 18 september 2006 zakelijke betrekkingen hebben gehad, dan wel ten aanzien van wie wervingsactiviteiten hebben plaatsgevonden;
III. tot betaling van een dwangsom van € 5.000,-, althans een door de voorzieningenrechter te bepalen dwangsom, voor elke dag of deel daarvan dat [X] c.s. niet voldoen aan het gevorderde onder punt II;
IV. alle activiteiten in strijd met het concurrentie- en relatiebeding zoals opgenomen in de managementovereenkomst van 18 september 2006 en de koopovereenkomst van 18 september 2006 te staken en gestaakt te houden;
V. tot betaling van een dwangsom van € 5.000,-, althans een door de voorzieningenrechter te bepalen dwangsom, voor elke dag of deel daarvan dat [X] c.s. niet voldoen aan het gevorderde onder punt IV;
VI. in de kosten van het geding, alsmede de kosten die gemaakt zullen worden ter nakoming van dit vonnis.
1.3. Ter zitting hebben beide partijen hun standpunten toegelicht, waarbij hun advocaten gebruik hebben gemaakt van pleitnotities. [X] c.s. hebben geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van Isolatie Noord, met veroordeling van Isolatie Noord in de kosten van het geding.
1.4. Partijen hebben producties overgelegd.
1.5. Het vonnis is bepaald op heden.
2. De feiten
In dit kort geding zal van de volgende vaststaande feiten worden uitgegaan.
2.1. Isolatie Noord heeft op of omstreeks 18 september 2006 een overeenkomst gesloten met Isolatie- en Montagebedrijf met betrekking tot de koop en verkoop van de activa en passiva van laatstgenoemde onderneming. In deze overeenkomst wordt onder meer het volgende bepaald:
(…)
Nemen het volgende in aanmerking:
a) de activiteiten van Verkoper bestaan voornamelijk uit het uitoefenen van een onderneming in het uitvoeren van isolatie- en montagewerkzaamheden in de warmte- en koudetechniek.
(…)
Artikel 2. Koopsom en betaling
1. De koopsom van het verkochte bedraagt € 270.000,- (zegge: tweehonderdzeventigduizend euro). In deze koopsom is een bedrag aan goodwill inbegrepen.
(…)
Artikel 11. Concurrentiebeding en geheimhouding
1. Verkoper en/of een direct of een indirect aan verkoper gelieerde natuurlijke persoon, onderneming of rechtspersoon zal niet direct of indirect gedurende een periode van drie jaar ná de Overdrachtsdatum, in de regio waarbinnen de met het Verkochte gevoerde onderneming (hierna: 'de Onderneming) op de Overdrachtsdatum actief is, activiteiten ontwikkelen die onderdeel uitmaken van of vergelijkbaar zijn met de normale bedrijfsuitoefening op de Overdrachtsdatum van de Onderneming en zullen niet actief wervingsactiviteiten ondernemen ten opzichte van de werknemers, leveranciers en cliëntèle van de onderneming.
2. Bij overtreding van deze verplichting zal Verkoper, zonder dat daarvoor een aankondiging of ingebrekestelling vereist is, aan Koper direct een opeisbare boete verbeuren van € 50.000,- (zegge: vijftigduizend euro) voor elke aldus begane overtreding, te vermeerderen met een bedrag van
€ 5.000,- (zegge: vijfduizend euro) voor elke dag dat die overtreding voortduurt, een en ander onverminderd het recht van Koper om in plaats daarvan de door haar daadwerkelijk als gevolg van de overtreding geleden schade te vorderen.
2.2. [y]eens op 18 september 2006 is Isolatie Noord een managementovereenkomst aangegaan met [X] Beheer. In deze overeenkomst wordt onder meer het volgende bepaald:
(…)
Nemen het volgende in aanmerking:
a) Management B.V. (bedoeld wordt: [X] Beheer, toevoeging voorzieningenrechter) maakt onder meer haar bedrijf van het verlenen van diensten op het gebied van het (administratief) ondersteunen van ondernemingen en vennootschappen in de warmte- en koudetechniek, en heeft werknemer(s) in dienst met specifieke deskundigheid op dat gebied. Management B.V. stelt in het kader van vorenbedoelde dienstverlening arbeidskrachten ter beschikking van opdrachtgevers.
b) Management B.V. is bestuurder en enig aandeelhouder van Isolatie en Montagebedrijf [X] B.V. (ingeschreven in het Handelsregister onder nummer 01034727). De vennootschap heeft per 1 september 2006 de door Isolatie en Montagebedrijf [X] gevoerde onderneming in het uitvoeren van isolatie- en montagewerkzaamheden in de warmte- en koudetechniek, middels een activa/passiva transactie, overgenomen.
c) Gelet op de bekendheid van Management B.V. met de voornoemde overgedragen onderneming, heeft de Vennootschap aan Management B.V. opdracht verstrekt om met ingang van 1 september 2006 gedurende een periode van vier jaar ondersteunende werkzaamheden voor haar te doen verrichten.
(…)
Artikel 8. Non-Concurrentiebeding
1. Het is Management B.V. verboden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Vennootschap gedurende drie jaar na het einde van de onderhavige managementovereenkomst binnen de regio waarin de Vennootschap en/of een aan haar gelieerde vennootschap, alsdan actief is, direct of indirect in dienst te treden bij of op enigerlei wijze werkzaamheden te verrichten voor een onderneming of een instelling die zich op dezelfde markt begeeft als de vennootschap, dan wel die gelijke of gelijksoortige werkzaamheden verricht, adviezen geeft of diensten verleent als de Vennootschap, of die dezelfde activiteiten ontplooit als de vennootschap, dan wel voor eigen rekening gelijke of gelijksoortige werkzaamheden te verrichten.
2. De in lid 1 van dit artikel opgenomen bepaling is overeenkomstig van toepassing ten aanzien van de door Management B.V. voor de uitvoering en/of de assistentie daarbij van de werkzaamheden ingezette personen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.
3. Management B.V. staat ervoor in dat bedoelde perso(o)n(en) de, uit het voorgaande lid voortvloeiende, verbintenissen zullen aanvaarden en nakomen.
(…)
Artikel 10. Relatiebeding
1. Het is Management B.V. evenmin toegestaan om gedurende een periode van drie jaar na het einde van de onderhavige managementovereenkomst op enige wijze zakelijke betrekkingen aan te gaan en/of te onderhouden met (voormalige) relaties van de Vennootschap en/of van een aan haar gelieerde vennootschap, behoudens de voorafgaande schriftelijke toestemming van de Vennootschap.
2. De in lid 1 van dit artikel opgenomen bepaling is overeenkomstig van toepassing ten aanzien van de door Management B.V. voor de uitvoering en/of de assistentie daarbij van de Werkzaamheden ingezette personen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.
3. Management B.V. staat ervoor in dat bedoelde personen de hieruit voortvloeiende verbintenissen zullen aanvaarden en nakomen.
Artikel 11. Boetebeding
Management B.V. is van rechtswege in gebreke indien hij in strijd met zijn verplichtingen uit hoofde van de artikelen 8 tot en met 10 handelt en zal voor iedere overtreding een voor de vennootschap bestemde boete verbeuren waarvan het bedrag overeenkomt met € 50.000,- (zegge: vijftigduizend euro) per overtreding, alsmede een boete gelijk aan € 5.000,- (zegge: vijfduizend euro) voor elke dag dat de overtreding en/of de niet nakoming voortduurt, onverminderd het recht van de Vennootschap nakoming van deze overeenkomst te verlangen en onverminderd het recht van de Vennootschap om in plaats van de boete volledige schadevergoeding te vorderen.
2.3. Tussen [X] Beheer als verhuurder en Isolatie Noord als huurder is voorts op 18 september 2006 een huurovereenkomst inzake bedrijfsruimte gesloten. Op enig moment na het aangaan van voormelde overeenkomsten is tussen partijen een geschil ontstaan omtrent de afwikkeling van de koopovereenkomst. Ten gevolge hiervan zijn de gemoederen hoog opgelopen en is er een conflictueuze relatie tussen partijen ontstaan. De managementovereenkomst is door de advocaat van Isolatie Noord bij brief van 28 maart 2007 opgezegd c.q. ontbonden.
2.4. [X] heeft in april 2008 aan Holvrieka Nirota, een relatie van Isolatie Noord, een aanzienlijke hoeveelheid grote roestvrijstalen bouten verkocht en geleverd. Hieraan voorafgaand had [X] zich bij Holvrieka Nirota gemeld met de vraag of zij materialen van hem wenste te kopen. Bij gelegenheid daarvan heeft [X] zijn visitekaartje van [X] Beheer achtergelaten, welk visitekaartje boven de offerte is meegekopieerd. Holvrieka Nirota heeft [X] bij brief van 27 augustus 2008 bericht:
'Aan de heer [y], Hoofd afdeling Inkoop, van Holvrieka Nirota BV heeft u grote roestvrijstalen bouten en moeren geleverd met factuur uit uw privé onderneming. De goederen die u ons heeft geleverd vallen, ons inziens, niet onder isolatie relaterende materialen. Tevens heeft Isolatie Noord BV geen schade ondervonden ten opzichte van het uitbesteden van opdrachten van Holvrieka Nirota BV aan Isolatie Noord B.V. U heeft nimmer actie ondernomen om opdrachten van Holvrieka Nirota BV aan te nemen en hierdoor Isolatie Noord BV te benadelen. Holvrieka Nirota BV koopt regelmatig deze artikelen voor het verbinden van bordessen bij verschillende bedrijven.'
2.5. Bij brief van 12 juni 2008 heeft de advocaat van Isolatie Noord aan [X] c.s. bericht dat zij in strijd zouden hebben gehandeld met de overeengekomen concurrentie- en relatiebedingen door isolatiegerelateerde materialen aan Holvrieka Nirota te koop aan te bieden. Isolatie Noord heeft [X] c.s. gesommeerd om haar concurrerende activiteiten te staken en de volgens Isolatie Noord verbeurde contractuele boete van
€ 50.000,- te voldoen.
3. Het standpunt van Isolatie Noord
3.1. Isolatie Noord legt aan haar vorderingen ten grondslag dat [X] c.s. ieder voor zich de op hen van toepassing zijnde concurrentie- en relatiebedingen hebben overtreden in het geval van de verkoop van materialen aan Holvrieka Nirota, zijnde een bestaande relatie van Isolatie Noord. Hoewel [X] geen partij is bij de overeengekomen concurrentie- en relatiebedingen, heeft hij door ondertekening van de managementovereenkomst de daarin opgenomen concurrentie- en relatiebedingbepalingen aanvaard en verklaard deze na te komen, zodat ook hij hieraan gebonden is.
3.2. Omdat [X] c.s. ieder voor zich de op hen van toepassing zijnde concurrentie- en relatiebedingen hebben overtreden, is een ieder van hen de contractuele boete van € 50.000,- verschuldigd. Naast deze contractuele boete heeft Isolatie Noord er belang bij dat [X] c.s. een opgave verstrekken van alle relaties van Isolatie Noord met wie [X] c.s. na 18 september 2006 zakelijke betrekkingen hebben gehad, dan wel ten aanzien van wie wervingsactiviteiten hebben plaatsgevonden, alsmede dat aan [X] c.s. -op straffe van verbeurte van een dwangsom- een verbod wordt opgelegd om te handelen in strijd met de overeengekomen concurrentie- en relatiebedingen.
3.3. Het spoedeisend belang bij betaling van de verbeurde boetes is hierin gelegen dat de concurrentie- en relatiebedingen door [X] c.s. zijn overtreden, dat het niet zinvol is om de verbeurde boetes in een bodemprocedure te vorderen, dat de betaling van de boetes een stok achter de deur is om toekomstige overtredingen te voorkomen en, ten slotte, dat de financiële positie van Isolatie Noord onder druk staat.
4. Het standpunt van [X] c.s.
4.1. [X] c.s. betwist dat [X] in persoon in rechte kan worden aangesproken voor de -vermeende- schending van de concurrentie- en relatiebedingen, aangezien tussen Isolatie Noord en [X] geen overeenkomst is gesloten, noch een van de overeenkomsten door [X] als privé-persoon is getekend.
4.2. [X] c.s. betwisten het spoedeisend belang bij de gevraagde voorzieningen. De transactie van [X] met Holvrieka Nirota heeft plaatsgevonden in april 2008, terwijl Isolatie Noord pas in augustus 2008 een kort geding tegen [X] c.s. aanhangig heeft gemaakt. Voorts wijst [X] c.s. erop dat er een aanzienlijk restitutierisico bestaat bij toewijzing van het gevorderde. Gelet op het feit dat Isolatie Noord al lange tijd geen huur meer heeft betaald aan [X] Beheer, is er kennelijk sprake van betalingsproblemen bij Isolatie Noord.
4.3. In het geval van Holvrieka Nirota is er geen sprake geweest van overtreding van de overeengekomen concurrentie- en relatiebedingen, aldus [X] c.s. De aan dit bedrijf geleverde grote roestvrijstalen bouten hebben niets met isolatiegerelateerde materialen te maken. [X] Beheer en Isolatie- en Montagebedrijf waren bij deze transactie ook geen partij. [X] heeft te dezen slechts als privépersoon gehandeld. [X] c.s. zijn gezien het voorgaande geen boetes verschuldigd geworden aan Isolatie Noord.
5. De beoordeling
5.1. Met [X] c.s. is de voorzieningenrechter van oordeel dat de in de koopovereenkomst (met Isolatie- en Montagebedrijf) en de managementovereenkomst (met [X] Beheer) overeengekomen concurrentie- en relatiebedingen [X] in persoon niet binden, nu hij geen partij is bij deze overeenkomsten, terwijl het enkel ondertekenen van de managementovereenkomst door [X] -als bestuurder van [X] Beheer- evenmin persoonlijke gebondenheid van Kammen aan deze managementovereenkomst met zich brengt. Isolatie Noord zal dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard voor zover haar vorderingen tegen [X] in persoon zijn ingesteld.
5.2. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is niet aannemelijk geworden dat [X] Beheer of Isolatie- en Montagebedrijf de in de koopovereenkomst en de managementovereenkomst opgenomen concurrentiebedingen hebben overtreden. Gesteld noch gebleken is dat [X] Beheer of Isolatie- en Montagebedrijf in de regio waarin Isolatie Noord actief is gelijksoortige werkzaamheden heeft verricht, adviezen heeft gegeven of diensten verleend dan wel dezelfde activiteiten heeft ontplooid als Isolatie Noord.
5.3. Tussen partijen is niet in geschil dat het relatiebeding zoals opgenomen in artikel 10 van de managementovereenkomst aldus dient te worden uitgelegd dat het [X] Beheer en voor de uitvoering van haar werkzaamheden door haar ingezette personen -waaronder haar directeur [X]- verboden is om gedurende een periode van drie jaar na het einde van de managementovereenkomst (die op 28 maart 2007 is opgezegd c.q. ontbonden) zakelijke betrekkingen aan te gaan of te onderhouden met (voormalige) relaties van Isolatie Noord. Tussen partijen is evenmin in geschil dat Holvrieka Nirota als een relatie van Isolatie Noord dient te worden aangemerkt en dat [X] in april 2008 in persoon bouten aan Holvrieka Nirota heeft verkocht en geleverd. Hiermee is door [X] gehandeld in strijd met voormeld relatiebeding. Op grond van het derde lid van het relatiebeding dient [X] Beheer ervoor in te staan dat [X] de uit het relatiebeding voortvloeiende verbintenissen aanvaardt en nakomt. [X] Beheer is derhalve aansprakelijk jegens Isolatie Noord voor de overtreding van het relatiebeding door [X], en is, naar voorlopig oordeel, op de voet van het in artikel 11 van de managementovereenkomst opgenomen boetebeding de aldaar genoemde contractuele boete verschuldigd geworden.
5.4. Volgens vaste rechtspraak (vgl. HR 14 april 2000, NJ 2000, 489, HR 30 juni 2001, NJ 2001, 389 en 15 juni 2007, NJ 2008, 153) is terughoudendheid op zijn plaats met betrekking tot een voorziening in kort geding, bestaande in veroordeling tot betaling van een geldsom. De vordering dient niet alleen voldoende aannemelijk te zijn, maar daarnaast dienen naar behoren feiten en omstandigheden te worden aangewezen die meebrengen dat een zodanige voorziening uit hoofde van onverwijlde spoed geboden is, terwijl voorts dient te worden bezien of er een restitutierisico bestaat. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft Isolatie Noord onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld, die met zich brengen dat zij een spoedeisend belang heeft bij betaling van de verbeurde contractuele boete. Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, kan niet worden ingezien waarom het niet zinvol zou zijn om in een bodemprocedure betaling van verbeurde boetes te vorderen, terwijl de verwijzing door Isolatie Noord naar de niet gunstige financiële positie van haar onderneming een reden te meer is om zeer terughoudend te zijn met het toewijzen van de gevorderde betaling. Mede gelet op de ontstane huurachterstand kan daardoor naar het oordeel van de voorzieningenrechter voorshands niet worden uitgesloten dat er een restitutierisico aan de zijde van Isolatie Noord bestaat. Reeds op grond van het voorgaande is de vordering tot betaling van verbeurde boetes niet toewijsbaar. Het spoedeisend belang bij de overige vorderingen van Isolatie Noord wordt daarentegen wel voldoende aanwezig geacht, nu Isolatie Noord onweersproken heeft gesteld dat haar pas onlangs ter ore is gekomen dat [X] c.s. in april 2008 een transactie met Holvrieke Nirota zijn aangegaan.
5.5. De vordering van Isolatie Noord jegens [X] c.s. om -op straffe van verbeurte van een dwangsom- een volledige opgave te verstrekken van alle relaties van Isolatie Noord met wie [X] c.s. na 18 september 2006 zakelijke betrekkingen hebben gehad dan wel ten aanzien van wie wervingsactiviteiten hebben plaatsgevonden, zal worden afgewezen, nu voorshands niet aannemelijk geworden is dat er sprake is geweest van meer dan een eenmalige schending van het relatiebeding. In dat licht bezien is een ingrijpende voorziening als het openleggen van het relatiebestand van [X] c.s. een te zwaar middel. Voor toewijzing van het gevorderde bestaat te minder aanleiding, nu de vordering dusdanig ruim is geformuleerd, dat er al snel executieproblemen zullen gaan rijzen.
5.6. De vordering van Isolatie Noord om -eveneens op straffe van verbeurte van een dwangsom- [X] c.s. te veroordelen om alle activiteiten die in strijd zijn met de overeengekomen concurrentie- en relatiebedingen te staken, zal ook worden afgewezen, aangezien naar voorlopig oordeel de op overtreding van deze bedingen gestelde boetes een voldoende prikkel vormen om deze bedingen na te komen. Isolatie Noord heeft op dit moment mitsdien onvoldoende belang om de nakoming van de bedingen ook nog eens versterkt te zien met het opleggen van een dwangsom.
5.7. Uit het vorenstaande volgt dat de gevraagde voorzieningen voor het overige zullen worden geweigerd.
5.8. Nu Isolatie Noord als de in het ongelijk te stellen partij moet worden aangemerkt, zal zij in de kosten van het geding worden veroordeeld. Deze kosten worden aan de zijde van [X] c.s. als volgt vastgesteld:
- vast recht € 254,00
- salaris advocaat € 816,00
------------
totaal € 1.070,--
6. De beslissing
De voorzieningenrechter:
verklaart Isolatie Noord niet-ontvankelijk in haar vordering jegens [X];
weigert de gevraagde voorzieningen voor het overige;
veroordeelt Isolatie Noord in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van [X] c.s. vastgesteld op € 1.070,00.
Dit vonnis is gewezen door mr. G. Tangenberg en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier mr. M. Postma op 10 september 2008.?
fn 343