
Jurisprudentie
BF0065
Datum uitspraak2008-09-05
Datum gepubliceerd2008-09-12
RechtsgebiedSociale zekerheid
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamCentrale Raad van Beroep
Zaaknummers06/1563 WAO
Statusgepubliceerd
Datum gepubliceerd2008-09-12
RechtsgebiedSociale zekerheid
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamCentrale Raad van Beroep
Zaaknummers06/1563 WAO
Statusgepubliceerd
Indicatie
Afwijzing verzoek om vergoeding van kosten van rapporten in geding.
Uitspraak
06/1563 WAO
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[Appellante], wonende te [woonplaats] (hierna: appellante),
tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 24 februari 2006, 05/1758 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellante
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 5 september 2008
I. PROCESVERLOOP
Namens appellante heeft mr. W.C. de Jonge, advocaat te Vlaardingen, hoger beroep ingesteld.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 25 juli 2008. Voor appellante is verschenen mr. De Jonge, voornoemd. Voor het Uwv is verschenen W.L.V. Weltevrede, werkzaam bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
II. OVERWEGINGEN
1. In hoger beroep is uitsluitend in geschil de in de aangevallen uitspraak vervatte afwijzing van het verzoek van appellante om vergoeding van de kosten van de door haar ingebrachte rapportages van mevrouw Verhage, directrice van Instituut Psychosofia, Centrum voor Spirituele Geneeswijze en Spirituele Dans.
2. Bij uitspraak van 13 april 2005, LJN: AT4323, heeft de Raad, kort samengevat, overwogen dat de kosten van de door Instituut Psychosofia uitgebrachte rapporten niet voor vergoeding op voet van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht in aanmerking komen. Dit oordeel is door de Raad nadien bij vele uitspraken - waarbij
mr. De Jonge als gemachtigde optrad - herhaald.
2.1. De Raad ziet geen aanleiding in dit geschil tot een ander oordeel te komen.
Het hoger beroep slaagt dan ook niet. De aangevallen uitspraak, voorzover aangevochten, dient derhalve te worden bevestigd.
3. Voor een proceskostenveroordeling acht de Raad geen termen aanwezig.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak, voorzover aangevochten.
Deze uitspraak is gedaan door G. van der Wiel als voorzitter en G.J.H. Doornewaard en
J. Brand als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van M.C.T.M. Sonderegger als griffier, uitgesproken in het openbaar 5 september 2008.
(get.) G. van der Wiel.
(get.) M.C.T.M. Sonderegger.
RB