Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AZ1180

Datum uitspraak2006-09-26
Datum gepubliceerd2006-10-31
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureEerste aanleg - meervoudig
Instantie naamRechtbank Maastricht
Zaaknummers03/700349-06
Statusgepubliceerd


Indicatie

Ten aanzien van het onder 1 primair, 1 subsidiair en 1 meer subsidiair ten laste gelegde overweegt de rechtbank dat zij zich enerzijds geconfronteerd ziet met een ambtsedig opgemaakt proces-verbaal, waarbij verdachte door één van de verbalisanten in de nacht van 16 op 17 mei 2006 wordt herkend als zijnde de bestuurder van de betrokken Mercedes en anderzijds met het feit dat verdachte ten stelligste ontkent het feit gepleegd te hebben. Gelet op de stellige ontkenning van verdachte en het feit dat de herkenning zonder nadere verificatie is gevolgd, zal verdachte van het onder 1 primair, 1 subsidiair en 1 meer subsidiair ten laste gelegde worden vrijgesproken.


Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT Sector Strafrecht Parketnummer: 03/700349-06 Datum uitspraak: 26 september 2006 Dit vonnis is naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 12 september 2006 op tegenspraak gewezen door de meervoudige kamer voor strafzaken in de zaak tegen [naam verdachte], geboren te [geboorteplaats en datum verdachte], wonende te [adres verdachte]. De tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat 1. hij op of omstreeks 17 mei 2006 in de gemeente Maastricht tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto, merk Mercedes, gekentekend [kenteken auto benadeelde], in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam benadeelde], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die weg te nemen auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of een valse sleutel; (zaak 8) subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat: hij op of omstreeks 17 mei 2006 in de gemeente Maastricht, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen een auto, merk Mercedes, gekentekend [kenteken auto benadeelde], heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die auto wist(en) dat het een door misdrijf verkregen goed betrof; (zaak 8) meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat: hij op of omstreeks 17 mei 2006 in de gemeente Maastricht, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een personenauto, merk Mercedes, gekentekend [kenteken auto benadeelde] heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die auto redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof; (zaak 8) 2. hij op of omstreeks 17 mei 2006 in de gemeente Elsloo, gemeente Stein, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in/uit een aan het Dorine Verschureplein nr 24 A gelegen winkel heeft weggenomen een hoeveelheid kleding, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [S.] in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; (zaak 9). Het requisitoir De officier van justitie heeft ter terechtzitting gevorderd dat de verdachte ter zake van de feiten onder 1 primair en 2 zal worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van acht maanden, met aftrek conform het bepaalde in artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht. De raadsvrouwe heeft vrijspraak van de tenlastegelegde feiten bepleit en geconcludeerd dat om die reden geen straf dient te worden opgelegd. De vrijspraak De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte onder 1 primair, 1 subsidiair, 1 meer subsidiair en 2 is ten laste gelegd. Ten aanzien van het onder 1 primair, 1 subsidiair en 1 meer subsidiair ten laste gelegde overweegt de rechtbank dat zij zich enerzijds geconfronteerd ziet met een ambtsedig opgemaakt proces-verbaal, waarbij verdachte door één van de verbalisanten in de nacht van 16 op 17 mei 2006 wordt herkend als zijnde de bestuurder van de betrokken Mercedes en anderzijds met het feit dat verdachte ten stelligste ontkent het feit gepleegd te hebben. Gelet op de stellige ontkenning van verdachte en het feit dat de herkenning zonder nadere verificatie is gevolgd, zal verdachte van het onder 1 primair, 1 subsidiair en 1 meer subsidiair ten laste gelegde worden vrijgesproken. Ten aanzien van het onder 2 tenlastegelegde overweegt de rechtbank dat er onvoldoende wettig bewijs is dat verdachte dit feit heeft gepleegd zodat verdachte ook van het onder 2 tenlastegelegde zal worden vrijgesproken. De vordering van de benadeelde partij Ter terechtzitting is het formulier, als bedoeld in artikel 51b, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering, behandeld, waarbij [naam en adres benadeelde] Maastricht zich ter zake van zijn vordering tot schadevergoeding als benadeelde partij in het strafproces heeft gevoegd. Gelet op de omstandigheid dat de verdachte ten aanzien van het onder 1 primair, 1 subsidiair en 1 meer subsidiair ten laste gelegde feit zal worden vrijgesproken, kan de benadeelde partij [naam benadeelde] niet in haar vordering worden ontvangen. DE BESLISSINGEN: De rechtbank - verklaart niet wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het onder 1 primair, 1 subsidiair, 1 meer subsidiair en 2 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij; - verklaart de benadeelde partij [naam en adres benadeelde] Maastricht, in zijn vordering niet-ontvankelijk; - veroordeelt de benadeelde partij [naam benadeelde] in de kosten, door verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot op nihil. Dit vonnis is aldus gewezen door mr. Th.J.M. Oostdijk, voorzitter, mr. W.L.J. Voogt en mr. F.A.G.M. Vluggen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.M. Wijckerheld Bisdom, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 26 september 2006.