
Jurisprudentie
AZ0702
Datum uitspraak2006-09-28
Datum gepubliceerd2006-10-23
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Zutphen
Zaaknummers06/800800-06
Statusgepubliceerd
Datum gepubliceerd2006-10-23
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Zutphen
Zaaknummers06/800800-06
Statusgepubliceerd
Indicatie
De klager heeft gesteld dat hij de bromfiets ter goeder trouw voor € 130,= (inclusief verzekering) heeft gekocht. De bromfiets verkeerde in een zeer slechte staat en klager heeft de bromfiets daarna geheel opgeknapt voor een bedrag van € 110,=. Hij verzoekt dan ook teruggave van de bromfiets. Indien de bromfiets aan de rechtmatige eigenaar wordt teruggegeven, verzoekt klager een vergoeding van de gemaakte kosten ad € 250,= .
De rechtbank is van oordeel dat, hoewel de bromfiets ter goeder trouw is gekocht, de rechten van de oorspronkelijke eigenaar zwaarder wegen aangezien de bromfiets niet is gekocht bij de reguliere handel. Zij verklaart het bezwaarschrift in deze ongegrond. De rechtbank is echter ook van oordeel dat de rechtmatige eigenaar, op voet van boek 3, art. 120 Burgerlijk Wetboek, € 110,= aan klager dient te betalen ten behoeve van de gemaakte kosten.
Uitspraak
RECHTBANK ZUTPHEN
Sector straf
Parketnummer: 06/800800-06
Bvs-nummer: 06/269
De rechtbank heeft te beslissen op een klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering van:
[klager] geboren te [plaats] op [datum] 1988,
wonende te [woonplaats],
nader te noemen klager.
De rechtbank heeft de processtukken bezien.
Het klaagschrift is in het openbaar behandeld in raadkamer op 21 september 2006, waarvan proces-verbaal is opgemaakt.
Overwegingen
Blijkens de kennisgeving van inbeslagneming is op 23 februari 2006 door de politie Team Epe onder [klager], als getuige ten aanzien van overtreding van artikel 310 van het Wetboek van Strafrecht gepleegd door [verkoper], inbeslaggenomen een bromfiets, merk Gilera, type Citta, genummerd [nummer].
De klager heeft gesteld dat hij de bromfiets ter goeder trouw voor € 130,= (inclusief verzekering) heeft gekocht van [verkoper]. De bromfiets verkeerde in een zeer slechte staat en klager heeft de bromfiets daarna geheel opgeknapt voor een bedrag van € 110,=. Hij verzoekt dan ook teruggave van de bromfiets. Indien de bromfiets aan de rechtmatige eigenaar [naam rechtmatige eigenaar] wordt teruggegeven, verzoekt klager een vergoeding van de gemaakte kosten ad € 250,= .
De officier van justitie heeft geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het klaagschrift nu, hoewel de brommer wellicht ter goeder trouw is gekocht, de rechten van de oorspronkelijke eigenaar zwaarder wegen aangezien de bromfiets niet is gekocht bij de reguliere handel. Een eventuele vergoeding van de gemaakte kosten zal dienen worden te verhaald via een civiele procedure.
Gelet op het voorgaande en het verhandelde ter terechtzitting is de rechtbank van oordeel dat het klaagschrift ongegrond dient te worden verklaard en dat de genoemde bromfiets terug dient te worden gegeven aan [naam rechtmatige eigenaar], met dien verstande dat [rechtmatige eigenaar], op voet van boek 3, art. 120 Burgerlijk Wetboek, € 110,= aan klager dient te betalen ten behoeve van de gemaakte kosten.
De bromfiets dient daarvoor bij de politie afgegeven te worden. De politie geeft de bromfiets niet eerder af aan [rechtmatige eigenaar] dan nadat deze aan de politie € 110,= overhandigd heeft, welk bedrag door de politie aan [klager] wordt afgegeven.
Beslissing
De rechtbank verklaart het klaagschrift ten aanzien van de teruggave van de bromfiets ongegrond en ten aanzien van de verzochte schadevergoeding gegrond.
Deze beschikking is gegeven door Brouns, rechter, in tegenwoordigheid van Damink, griffier, en uitgesproken in het openbaar op 28 september 2006.