Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AZ0084

Datum uitspraak2006-09-25
Datum gepubliceerd2006-11-02
RechtsgebiedHandelszaak
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Middelburg
Zaaknummers123581 / 05-1797
Statusgepubliceerd
SectorSector kanton


Indicatie

Vertegenwoordiging; een door vertegenwoordiger "stilzwijgend" opgewekte schijn te handelen namens een vennootschap moet aan die vennootschap worden toegerekend, nu de vertegenwoordiger tevens bevoegd was namens die vennootschap te handelen.


Uitspraak

RECHTBANK MIDDELBURG Sector kanton Locatie Middelburg zaak/rolnr.: 123581 / 05-1797 vonnis van de kantonrechter d.d. 25 september 2006 in de zaak van de besloten vennootschap Interseafish B.V., gevestigd te Tholen, eisende partij, verder te noemen: Interseafish, gemachtigde: De Wit Vissers Gerechtsdeurwaarders, t e g e n : de besloten vennootschap Visgroothandel Yerseke B.V., gevestigd te Yerseke, gedaagde partij, verder te noemen: Visgroothandel Yerseke, gemachtigde: mr. J. B. de Meester. Het verdere verloop van de procedure Na het tussenvonnis van 20 februari 2006 is de procedure als volgt verlopen: - getuigenverhoor, - nadere conclusies of akten. de verdere beoordeling van de zaak 1. De kantonrechter handhaaft hetgeen is overwogen en beslist bij de tussenvonnissen. De inhoud van die vonnissen moet als hier ingelast worden beschouwd. 2. Ter voldoening aan de bij het tussenvonnis verstrekte bewijsopdracht heeft Intersea-fish [medewerker] doen horen, die blijkens zijn verklaring zich in dienst van Interseafish onder meer bezig houdt met de verkoop van producten van Interseafish. In contra-enquête is een verklaring afgelegd door [statutair bestuurder], die blijkens zijn verklaring statutair bestuurder is van Visgroothandel Yerseke. 3. Uit de verklaringen van deze getuigen blijkt dat [statutair bestuurder] regelmatig producten kocht van Interseafish, waarbij hij contact had met [medewerker]. Beide getuigen hebben verklaard dat bij de eerste keer door [medewerker] de gegevens zijn opgevraagd in verband met de facturering. Volgens [medewerker] is op die manier tot stand gekomen dat als bestellingen werden geplaatst door [statutair bestuurder] er bij Interseafish vanuit werd gegaan dat deze afkomstig waren van Visgroothandel VHM Yerseke. Om die reden werd volgens de getuige [medewerker] steeds gefactureerd op naam van Visgroothandel VHM Yerseke. 4. De kantonrechter overweegt dat door de verklaring van [medewerker] niet met zekerheid vaststaat dat [statutair bestuurder] bij het doen van de eerste bestelling heeft opgegeven dat hij handelde namens Visgroothandel VHM Yerseke. [statutair bestuurder] heeft immers als getuige verklaard dat in het eerste contact de gegevens zijn verstrekt door per fax toe te zenden het uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel betreffende Diepvries Yerseke B.V. op dit uittreksel is vermeld dat de enige aandeelhouder van deze B.V. Visgroothandel Yerseke B.V. is. De kantonrechter kan niet uitsluiten dat dit uittreksel is toegezonden aan Interseafish om duidelijk te maken dat [statutair bestuurder] kocht namens Diepvries Yerseke B.V. en dat bij Intersea-fish abusievelijk uit het uittreksel is opgemaakt dat de onderneming voor wie [statutair bestuurder] kocht Visgroothandel Yerseke B.V. was. Als zich zo'n misverstand zou hebben voorgedaan, dan komt dat voor risico van Interseafish, die in dat geval immers bij zorgvuldige lezing van het uittreksel had kunnen vaststellen dat [statutair bestuurder] kocht namens Diepvries Yerseke B.V. 5. [statutair bestuurder] heeft als getuige verklaard dat hij op een gegeven moment de besloten vennootschap Diepvries Yerseke B.V. heeft overgenomen en dat aldus de situatie ontstond dat hij twee BV's had. Daaruit volgt dat [statutair bestuurder] zowel namens Visgroothandel Yerseke B.V. als namens Diepvries Yerseke B.V. kon handelen. In deze situatie lag het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid op de weg van [statutair bestuurder] om ten opzichte van degene met wie hij zaken deed meer dan gemiddeld duidelijk te maken namens wie hij handelde. Het was immers de keuze van [statutair bestuurder] om er twee BV's op na te houden voor wie hij kon handelen en daardoor was er een grotere kans op misverstanden als het gaat om de vraag met wie men te doen heeft als men met [statutair bestuurder] handelt. Dit geldt in het onderhavige geval eens te meer nu [statutair bestuurder] zich blijkens zijn verklaring ook bediende van de naam Diepvriesgroothandel VHM Group Yerseke B.V., waarvan hij zelf heeft verklaard dat dit eigenlijk geen juiste naam is, maar dat het de bedoeling was duidelijk te maken dat hij meerdere BV's had. Aldus werd er naar het oordeel van de kantonrechter een grotere kans in het leven geroepen op misverstanden. Daarbij komt dan ook nog dat beide vennootschappen het zelfde adres hebben. 6. In de loop van de procedure is duidelijk geworden dat Interseafish steeds (dat geldt ook de facturen waarvan betaling wordt gevorderd) heeft gefactureerd aan "Visgroothandel VHM Yerseke". [statutair bestuurder] heeft dat als getuige ook bevestigd. Hij heeft daarbij verklaard dat hij daarmee geen problemen had, omdat de facturen gestuurd werden aan hetzelfde adres als dat van Diepvries Yerseke B.V. De facturen werden volgens [statutair bestuurder] betaald via een reke-ning van Diepvries Yerseke B.V., maar, zo heeft [statutair bestuurder] verklaard, het valt niet uit te sluiten dat er ook wel eens betaald is via een rekening van Visgroothandel Yerseke B.V. dit strookt met enkele betalingsbewijsstukken die Interseafish bij haar akte van 28 november 2005 in het geding heeft gebracht en waarop te zien is dat inderdaad betaald werd aan Inter-seafish vanaf een bankrekening van Visgroothandel Yerseke. Het daarbij vermelde rekeningnummer is, zo heeft [statutair bestuurder] bevestigd, is een nummer ten name van Visgroothandel Yerseke B.V. 7. Doordat [statutair bestuurder], alhoewel hij ervan op de hoogte was dat Interseafish er blijkens haar facturering vanuit ging dat bestellingen door [statutair bestuurder] gedaan werden namens Vis-groothandel Yerseke B.V., niet aan Interseafish heeft duidelijk gemaakt dat hij zijn bestellingen niet namens Visgroothandel Yerseke B.V., maar namens Diepvries Yerseke B.V. deed, werd Interseafish in zekere zin stilzwijgend bevestigd in haar gedachte dat de bestellingen afkomstig waren van Visgroothandel Yerseke B.V. Doordat bovendien tenminste een aantal van deze facturen ook werden betaald via een rekening van Visgroothandel Yerseke B.V. werd deze stilzwijgende bevestiging versterkt. 8. Dit alles overziende concludeert de kantonrechter dat Interseafish niet heeft bewezen dat [statutair bestuurder] vanaf het begin van de handelsrelatie tussen Interseafish en [statutair bestuurder] heeft opgegeven dat hij handelde namens Visgroothandel Yerseke B.V. Het kan zijn dat [statutair bestuurder] die naam heeft opgegeven, maar het kan ook heel goed zo zijn dat het gegaan is zoals [statutair bestuurder] heeft verklaard en dat er door de toezending van het uittreksel uit het handelsregister ten name van Diepvries Yerseke B.V. een misverstand is ontstaan bij Interseafish vanwege de vermelding van Visgroothandel Yerseke B.V. als aandeelhoudster. Doordat Interseafish factureerde ten name van Visgroothandel Yerseke B.V. en doordat zijdens Visgroothandel Yer-seke B.V. en niet op werd geattendeerd dat zij niet degene was namens wie [statutair bestuurder] bestellingen deed en bovendien het ook gebeurde dat facturen betaald werden van een rekening van Visgroothandel Yerseke B.V. heeft [statutair bestuurder], ongetwijfeld onbedoeld, in het leven geroepen dat Interseafish erop mocht vertrouwen dat [statutair bestuurder] handelde namens Visgroothandel Yerseke B.V. Omdat [statutair bestuurder] deze vennootschap ook vertegenwoordigt dient het opwekken van dat vertrouwen bij Interseafish aan Visgroothandel Yerseke B.V. te worden toegerekend. Aldus is er stilzwijgend een handelsrelatie tussen Interseafish en Visgroothandel Yerseke B.V. ontstaan met als gevolg dat Interseafish er vanaf dat moment op mocht vertrouwen dat nieuwe bestellingen door [statutair bestuurder] gedaan werden namens Visgroothandel Yerseke B.V. Het eerste begin van de handelsrelatie dateert uit het jaar 2000 en de in het geding zijn facturen zijn uit het jaar 2004, zodat het er gezien het voorgaande voor gehouden kan worden dat de aankopen waarop deze facturen betrekking hebben zijn gedaan door Visgroothandel Yer-seke B.V. 9. De kantonrechter concludeert dat uiteindelijk daarmee het aan Interseafish opgedragen bewijs is geleverd. Hieruit volgt dat de vordering van Interseafish die voor het overige niet is betwist moet worden toegewezen. Visgroothandel Yerseke B.V. dient als in het ongelijk gestelde partij te worden veroordeeld in de proceskosten. DE BESLISSING De kantonrechter: veroordeelt Visgroothandel Yerseke B.V. om tegen bewijs van kwijting aan Interseafish te betalen een bedrag van € 2.870,08 vermeerderd met de wettelijke rente over € 2.432,17 vanaf 28 april 2005; veroordeelt Visgroothandel Yerseke B.V. in de kosten van het geding, welke aan de zijde van Interseafish tot op heden worden begroot op € 876,43, waaronder begrepen een bedrag van € 612,50 wegens salaris van de gemachtigde van Interseafish; verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; Dit vonnis is gewezen door mr. B.J.R.P. Verhoeven, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 september 2006 in tegenwoordigheid van de griffier.